Een blaasontsteking is een aandoening aan de urinewegen (urineweginfectie). De ontsteking kan behalve in de blaas ook in de urineleiders en in de urinebuis zitten. Wanneer een blaasontsteking niet op tijd wordt behandeld, kan er een ontsteking van de nieren ontstaan (nierbekkenontsteking). 
 
Waardoor wordt het veroorzaakt?
Een blaasontsteking ontstaat meestal door bacteriën, die ook in de darmen leven, maar daar niet schadelijk zijn. Deze komen vanuit de anus via de huid in de urinebuis terecht. In sommige gevallen gaat het om bacteriën die overgedragen worden bij seksueel contact. Omdat vrouwen een kortere urinebuis hebben dan mannen, kunnen bacteriën makkelijker de blaas binnendringen. Vrouwen hebben daarom sneller last van een urineweginfectie dan mannen.
 

Blaasontsteking bij vrouwen
Wanneer u een blaasontsteking heeft, doet het plassen meestal pijn. Ook kan het zijn dat u vaak naar het toilet moet en dan steeds maar weinig plast. Sommige mensen hebben zelfs aldoor het gevoel dat ze moeten plassen. U kunt ook een drukkend of pijnlijk gevoel hebben in de onderbuik of rug. De urine kan onaangenaam ruiken of er troebel uitzien. Soms zit er bloed in de urine.

Als u een nierbekken ontsteking heeft, heeft u vaak de klachten die hierboven genoemd worden, maar dan met koorts, algemeen gevoel van ziek zijn, en vaak ook pijn in de zij. 
Wanneer u denkt dat u mogelijk een blaasontsteking heeft, kunt u uw urine laten testen bij de huisarts. U vangt daarvoor wat (ochtend)urine op in een schoon potje en sluit dit goed af. Bij de apotheek kunt u goed afsluitbare opvangbakjes voor urine kopen. De urine kan het beste binnen twee uur worden onderzocht. Wanneer dat niet lukt, kunt u de urine in de koelkast bewaren (maximaal 24 uur).

In sommige gevallen zal uw arts ook een urinekweek laten maken. Hij kan dan precies zien welke bacterie de infectie heeft veroorzaakt.
 

U kunt veel doen om een blaasontsteking te voorkomen:
Het is vooral erg belangrijk om veel te drinken, liefst ruim twee liter per dag. Hierdoor maakt u meer urine.

Om blaasontstekingen te voorkomen, zou u 1 ½ tot 2 liter urine per 24 uur moeten maken. Meet het eens met een maatbeker en noteer de hoeveelheid van alle plassen per 24 uur. Dit wordt ook wel een plasdagboek of mictielijst genoemd. Deze informatie is voor een arts zeer nuttig.

Wanneer u regelmatig plast, spoelt u bacteriën naar buiten. Plas uw blaas daarom altijd goed leeg. Neem de tijd en ga er rustig bij zitten.
Geadviseerd wordt te plassen na het vrijen. Hiermee worden bacteriën weggespoeld die rond en in de urinebuis zijn gekomen.

Veeg na toiletbezoek van voren naar achteren af. Hiermee voorkomt u dat bacteriën uit de ontlasting bij de urinebuis kunnen komen.

Ook het nemen van cranberrytabletten kan een blaasontsteking soms helpen voorkomen. Cranberrysap werkt minder goed, want heeft een minder geconcentreerde samenstelling. Het is een fabeltje dat vitamine C helpt.
Deze maatregelen zijn ook belangrijk wanneer u al een blaasontsteking heeft. Een lichte blaasontsteking kan hiermee zelfs vanzelf over gaan.

Wanneer de klachten blijven of er is sprake van een ernstige infectie, zal de huisarts een antibioticakuur voorschrijven. Dit doodt de bacteriën. Het is erg belangrijk, dat u deze kuur helemaal afmaakt, ook wanneer de klachten zijn verminderd of zelfs al zijn verdwenen. De ontsteking kan anders gemakkelijk weer terugkomen. Wanneer de klachten voorbij zijn en de kuur is opgemaakt kan de arts u vragen om nog eens de urine te laten nakijken om te zien of alles in orde is.

Indien u vaak blaasontstekingen of nierbekkenontsteking heeft, kan het zijn dat uw huisarts u verwijst naar een uroloog voor verder onderzoek en behandeling. Verder onderzoek kan zijn: plasdagboek, bloed- en/of urine onderzoek, echo van de nieren, plassen op een ‘computertoilet’ en controleren of u leeg heeft geplast, kijkonderzoek van de blaas. De behandeling is afhankelijk van de uitslagen, en is soms een langdurige antibioticakuur (onderhoudsbehandeling).