Jouw dokter heeft bij jou een blaasmeting afgesproken. Daarmee kan de werking van de sluitspier en van de blaasspier worden gemeten. Met deze meting kan de dokter je probleem beter behandelen.

Het onderzoek
De dokter zal vragen of je met een volle blaas kunt komen. Je moet dus goed drinken onderweg naar het ziekenhuis. Vóór het onderzoek moet je zo goed mogelijk uitplassen, zodat de hele blaas leeg wordt. Vaak moet dat op de speciale plasstraal-meet-wc, ook wel flow-wc genoemd. 

Het blaasmeetonderzoek wordt gedaan in een speciale meetkamer. Daar moeten je broek en onderbroek uit en zal de verpleegkundige of dokter een slangetje in de plasbuis schuiven. Dat heet een katheter. Dat klinkt eng en sommige kinderen krijgen er aandrang van om te plassen, maar het doet meestal geen pijn. Ook krijg je een dun slangetje in het poepgaatje, dat voelt een beetje als bij de koortsthermometer. Tot slot nog twee plakkers op de onderkant van je billen en eentje op je been. Ook dit doet geen pijn. Om te zorgen dat de slangetjes en de plakkers goed blijven zitten worden ze goed vastgeplakt.

Voor het meetonderzoek moet je op een plasstoel gaan zitten. Soms mag je op de onderzoeksbank blijven liggen. Je vader of moeder mag de hele tijd bij je blijven.

Soms wil de dokter ook röntgenfoto’s maken tijdens het onderzoek. Alle mensen die in de kamer zijn moeten dan een speciale jas aan: een loodschort. Dat is als bescherming tegen de röntgenstralen. Jij hoeft niet zo’n schort aan want jouw blaas moet op de foto.

Het is fijn als je een ipad of een telefoon hebt om een spelletje op te doen, want het onderzoek is saai en duurt ongeveer een uur.

De slangetjes en de draadjes van de stickers worden aangesloten op een computer. De computer vult de blaas met water. Daar merk je niks van maar je blaas denkt dat er plas in komt. Af en toe wordt gevraagd of je wilt hoesten. Dit is om te zien of de computer goed meet en of je misschien plas verliest. Als de blaas vol is voel je dat je plassen moet. Dat moet je zeggen want de computer moet dat eerst weten. Daarna mag je plassen met het slangetje nog in het plasgaatje. Dat is gek en vaak sproeit de straal en kun je niet goed richten. Dat is niet erg en het doet ook geen pijn.

Vaak wordt de meting nog een keer herhaald.

Na het onderzoek
Als het onderzoek klaar is worden de slangetjes en de stickers weggehaald. Ook dat doet geen pijn. Als je je kleren weer aan hebt mag je naar huis.

Tijdens een controleafspraak zal de dokter de uitslag met jou en je ouders bespreken. Soms is dat direct na het onderzoek.