Jouw dokter heeft bij jou een röntgenonderzoek van jouw blaas en urinewegen afgesproken. Dit heet een mictiecystogram. Met dit onderzoek onderzoekt de dokter wat de oorzaak is van jouw klachten.

Het onderzoek
Het onderzoek gebeurt op de afdeling radiologie. Jouw vader of moeder mag er bij zijn. Er worden foto’s gemaakt van jouw blaas en urinewegen, bijvoorbeeld of er terugstroom van urine is naar de nieren (vesico-ureterale reflux). Daarom krijgt jouw vader of moeder een speciale jas aan. Dit heet een loodschort. Zo worden zij beschermd voor de röntgenstralen.

Röntgenstralen kun je niet zien of voelen, ze gaan dwars door je heen. Om de blaas en urinewegen te kunnen zien wordt er speciale vloeistof gebruikt. Dit heet contrastvloeistof.

Je trekt je broek of rok en onderbroek uit en je gaat liggen op de onderzoeksbank. Soms wordt het onderzoek zittend gedaan. Er wordt door de verpleegkundige of dokter een slangetje in je plasbuis geschoven, de katheter. Dit kun je wel voelen.

Als je naar boven kijkt hangt er een röntgenbuis boven je, deze maakt de foto’s.

Dan wordt het slangetje in je plasbuis aangesloten op een fles met de contrastvloeistof. De vloeistof loopt nu vanzelf je blaas in. Dit kunnen wij zien op een tv scherm.

Als de blaas vol is kun je het gevoel krijgen dat je moet plassen. Dit mag je vertellen. Hierna wordt het slangetje uit je blaas gehaald, dit kan een beetje kriebelen. Nu mag je de contrastvloeistof uit gaan plassen in een bakje of een fles.

Soms moet je twee keer plassen, één keer met het slangetje in want daar kan je langs plassen, en één keer nadat het slangetje uit gehaald is

Tijdens het hele onderzoek worden foto’s gemaakt. Deze worden bewaard zodat jouw dokter hiernaar kan kijken. Het onderzoek duurt ongeveer 30-45 minuten

Na het onderzoek
Je mag je kleren weer aantrekken en naar huis gaan. Tijdens een controleafspraak zal de dokter de uitslag met jou en jouw ouders bespreken.