De urinewegen is een verzamelnaam voor de weg die urine aflegt: van de nieren via de urineleiders naar de blaas, en vervolgens via de plas- of urinebuis naar buiten. Er kan op diverse manieren en op diverse plekken een trauma van de urinewegen ontstaan.


Bron: Symptomen-behandeling.nl

Op al deze plekken kan een trauma, letsel of kwetsuur ontstaan. Deze zijn van boven naar beneden:

  • Nier:

    Nierschudding of nierscheur. Omdat de nier goed beschermt ligt door de ribben, ontstaat er niet snel letsel van de nier, daar is een flinke klap voor nodig. Dit kan komen door een gevecht, waarbij de tegenstander in de zij slaat of trapt, een mes of kogel een wond maakt, of door een ongeval. Er is dan vaak ook meer letsel dan alleen van de nier; vaak heeft de patiënt ook gebroken ribben, een miltbloeding, of problemen met longen, darmen of grote bloedvaten.

    Een nierschudding of -scheur kun je opmerken door bloed in de urine, soms met het blote oog te zien (macroscopische hematurie), en soms is het bloed alleen onder de microscoop te zien.  Vaak heeft de patiënt ook pijn in de zij.

     

  • Urineleider:

    De urineleider kan afscheuren. Dit komt meestal door een operatie in de buik waarbij er per ongeluk schade aan de urineleider ontstaat. Bijvoorbeeld tijdens de behandeling van een steen in de urineleider, tijdens darmoperaties, of operaties van de baarmoeder en eierstokken. Dit wordt helaas lang niet altijd tijdens de operatie opgemerkt, en geeft ook weinig klachten. Meestal komt schade aan de urineleider aan het licht als de patiënt minder plast, de bloedwaardes van de nierfunctie achteruit gaan, of als de patiënt ziek wordt en een buikvliesontsteking of ileus (stilliggende darmen) krijgt. Het geeft zelden pijn.

  • Blaas:

    De blaas kan afscheuren van de urinebuis als er een ongeval is geweest waarbij het bekken gebroken is. Dit gebeurt niet zomaar dus meestal is er meer aan de hand met meerdere verwondingen.

    De blaas kan ook per ongeluk tijdens een operatie beschadigd worden, bijvoorbeeld een gaatje in de blaas tijdens het verwijderen van een blaastumor (TUR-T; linken), of tijdens keizersnede of darmoperaties als de blaas op andere organen vastgekleefd zit.

    Als het blaasletsel ontstaat tijdens een operatie wordt dit meestal direct tijdens de operatie opgemerkt, en opgelost.

    Als het niet direct wordt opgemerkt, kunnen de volgende klachten na de operatie optreden: buikpijn direct na het plassen, minder of niet meer plassen, ileus (stilliggende darmen), of de bloedwaardes van de nierfunctie gaan achteruit.

    Als er blaasletsel is na een ongeval met een breuk van het bekken, is er vaak sprake van bloed in de urine, problemen met het inbrengen van een blaaskatheter, en pijn in de onderbuik.

     

  • Plas- of urinebuis:
    Schade aan de plasbuis komt veel vaker voor bij mannen dan bij vrouwen, omdat de plasbuis van een man langer is.
    Het kan ontstaan door een val op de stang van de fiets (straddle injury) of iets anders hards. Ook kan het ontstaan bij een ongeval met letsel van het bekken (met soms ook schade aan de blaas).
    Het kan ook ontstaan door problemen met het inbrengen van een blaaskatheter, waarbij er schade aan de plasbuis wordt gemaakt door de katheter.
    Tot slot kan het ontstaan tijdens de seks, als er een ‘penisbreuk’ ontstaat. De penis bevat geen bot, dus het is geen echte breuk, maar er kan wel een scheurtje ontstaan in het zwellichaam van de penis tijdens seks. Dit doet erg veel pijn en de penis kleurt blauw doordat er bloed lekt uit het gescheurde zwellichaam. Vaak hoort de patiënt of zijn partner ook een knapje.
    Letsel van de plasbuis wordt meestal direct ontdekt door bloed dat lekt uit de plasbuis, problemen en pijn met plassen, en bloed in de urine. Soms is de penis ook gezwollen of blauw. Maar het kan ook pas jaren later voor problemen zorgen, als de plasbuis is genezen met littekenweefsel waardoor de plasbuis nauwer wordt en plassen moeilijker gaat.

Welk onderzoek nodig is, hangt af van welk orgaan mogelijk schade heeft opgelopen:

  • Nieren: CT scan met contrast. Normaal volgt het contrast de weg van de urine naar beneden. Als er een nierscheur is, zie je op de scan dat er bloed zit rondom de nier, en er kan contrast zitten op plekken waar het niet hoort (buiten nier of urineleider of blaas).
  • Urineleider: CT scan met contrast. Normaal volgt het contrast de weg van de urine naar beneden. Als er een gat in de urineleider zit, zal er op die plek contrast weglekken uit de urineleider.
  • Blaas: CT scan van de buik met contrast in de blaas. Er is dan een afwijkende ligging van de blaas te zien, met vocht rond de blaas. Als er contrast wordt gebruikt, is er lekkage van het contrast buiten de blaas te zien.

    Alternatief is een cystoscopie: een blaaskijkonderzoek waarbij er via de plasbuis een dun slangetje met een camera erin naar de blaas wordt gebracht.

     

  • Plasbuis: Als er schade is door een ongeval of na het inbrengen van een katheter wordt er een retrograad urethrogram gemaakt. Bij dit onderzoek wordt er contrast gespoten via het plasgaatje op de penis in de plasbuis, tegen de richting in dus. De contrastvloeistof stroomt dan terug naar de blaas en op die manier is de plasbuis in beeld te brengen met röntgenfoto’s. Als er een gaatje zit, zie je lekkage van het contrast buiten de plasbuis. Als er een vernauwing zit, zie je een insnoering op de plek van de vernauwing.

    Als er gedacht wordt aan een penisbreuk, wordt er vaak een MRI scan van de onderbuik en penis gemaakt. Hierop is te zien of en waar er een scheur zit in het zwellichaam van de penis, en of de plasbuis beschadigd is of niet. Soms wordt er ook een retrograad urethrogram gemaakt.
  • Nier:

    Bij een nierschudding kan men rustig afwachten. Zolang er bloed in de urine is, moet de patiënt rust houden. Soms wordt er antibiotica voorgeschreven. Het gaat vanzelf over, meestal zonder blijvende schade aan de nier.

    Bij een nierscheur is de behandeling afhankelijk van hoe diep de scheur is, en hoe het verder gaat met de patiënt. Als de scheur niet diep is, en de patiënt zich goed voelt en een goede bloeddruk houdt, kan er afgewacht worden. Het lichaam kan de scheur dan zelf herstellen. Als er een diepe scheur is waarbij de bloedvaten van de nier afgescheurd zijn, of als de bloeddruk van de patiënt snel zakt, is een spoedoperatie nodig. Meestal is de schade aan de nier dan zo groot dat deze niet meer te redden valt, en de nier verwijderd moet worden (nefrectomie).

     

  • Urineleider:

    Als de urineleider deels afgescheurd is, wordt er een inwendig slangetje (JJ stent) geplaatst. De urineleider kan dan zelf genezen, en de JJ stent wordt na enkele weken tot maanden verwijderd. Na zo’n scheur kan het zijn dat de urineleider geneest met littekenweefsel, waardoor de urineleider nauw kan worden.

    Als de urineleider helemaal is afgescheurd, zal er een uitgebreidere hersteloperatie moeten plaats vinden. Afhankelijk van de precieze locatie van de scheur kunnen de uiteindes aan elkaar gehecht worden, of moet er een tussenstukje (meestal van darm) tussen gezet worden. Dit kan meestal niet direct nadat het letsel is ontstaan, omdat het vaak pas later ontdekt wordt. Tot dat de hersteloperatie gedaan kan worden, moet de urine via een andere route worden afgevoerd, via een nefrostomiekatheter: een slangetje dat via de huid in de zij/flank direct in de nier zit.

     

  • Blaas:

    Als het gaatje in de blaas een klein gaatje is, kan het lichaam het zelf genezen. Wel moet de blaas dan wat rust krijgen, en daarom krijgt de patiënt dan enige tijd een blaaskatheter.

    Als het gaatje in de blaas tijdens een operatie is ontstaan, direct ontdekt wordt en wat groter is, wordt de blaas weer dichtgehecht. Ook na deze handeling heeft de patiënt enige tijd een blaaskatheter om de blaas even rust te geven, meestal een week.

    Als er een letsel van de blaas is na een ongeval, ligt het er aan waar en hoe groot het letsel is, en of er een breuk is van het bekken. Soms wordt er alleen een blaaskatheter geplaatst, soms zijn er (uitgebreide) operaties nodig.

     

  • Plasbuis:

De behandeling van een plasbuisletsel is erg afhankelijk van de oorzaak. In geval van een ongeval waarbij het bekken gebroken is, wordt er soms een blaaskatheter geplaatst, en soms een suprapubisch katheter. Dit is een slangetje dat via de buikhuid naar de blaas loopt.

Als er sprake is van een penisbreuk is er meestal reden voor een spoedoperatie waarbij de scheur in het zwellichaam en plasbuis hersteld wordt.

Als er een plasbuisvernauwing is ontstaan, is precieze de behandeling afhankelijk van de locatie van de vernauwing en de lengte van de vernauwing. Soms kan de vernauwing ingesneden worden met een mesje (Sachse, Otis). Soms moet de plasbuis deels vervangen worden, dat kan met mondslijmvlies (buccal mucosa) of met huid van de penis of voorhuid.