Bij een vasectomie worden beide zaadleiders onderbroken en afgebonden of dicht gebrand. 

Voorbereiding

Wellicht moet u voorafgaand aan de behandeling tijdelijk stoppen met bepaalde medicijnen te gebruiken. Dit is meestal het geval bij gebruik van bloed verdunnende middelen.

De behandeling

De ingreep vindt plaats onder lokale verdoving van de balzak. Na de verdoving worden er twee kleine sneetjes gemaakt in de huid boven de zaadleiders. De zaadleiders worden onderbroken en afgebonden of dicht gebrand. Vaak wordt een klein stukje van de zaadleider verwijderd om te controleren of ook echt de zaadleider is onderbroken. 

Pas je cookie-instellingen aan om deze video te bekijken.

Nazorg

Na de behandeling bent u niet direct steriel. U moet nog voorbehoedsmiddelen blijven gebruiken. Er zijn namelijk nog zaadcellen in het traject van onderbreking tot plasbuis. Bij iedere zaadlozing gaat een deel mee in het zaad en blijven er minder over. Omdat er niets meer bijkomt zal het zaad uiteindelijk geen zaadcellen meer bevatten. Na 2-3 maanden moet u een zaadmonster inleveren. Als uit dit onderzoek blijkt dat er geen zaadcellen of uitsluitend dode zaadcellen aanwezig zijn, is de behandeling geslaagd. U hoeft dan geen aanvullende voorbehoedsmiddelen meer te gebruiken om een ongewenste zwangerschap te voorkomen.

Mogelijke complicaties

  • De wondjes kunnen gevoelig zijn. Dit kan door een ontsteking komen. Een antibioticumkuur kan dan nodig zijn.
  • Er kan tijdens de behandeling een bloedvaatje worden geraakt waardoor er soms een bloeduitstorting kan ontstaan, dit verdwijnt meestal vanzelf.
  • Bij minder dan 1 op de 20 mannen komen pijnklachten voor in de weken na de behandeling.
  • Er is een zeer kleine kans dat de zaadleiders weer aan elkaar groeien.